Jesaja 8:3-4

Statenvertaling · Haastig buit, spoedig roof

3En ik was tot de profetesse genaderd, die werd zwanger, en baarde een zoon; en de HEERE zeide tot mij: Noem zijn naam MAHER-SCHALAL, CHAZ-BAZ.

4Want eer dat knechtje zal kunnen roepen: Mijn vader! of, mijn moeder! zal men den rijkdom van Damaskus, en den buit van Samaria dragen voor het aangezicht van den koning van Assur.

Lees heel Jesaja 8 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Jesaja 8:3-4 in de interactieve Bijbel →