Statenvertaling · De verleiders van het volk
2Den held en den krijgsman, den rechter en den profeet, en den waarzegger, en den oude;
3Den overste van vijftig, en den aanzienlijke, en den raadsman, en den wijze onder de werkmeesters, en dien, die kloek ter tale is.
4En Ik zal jongelingen stellen tot hun vorsten, en kinderen zullen over hen heersen;