Jeremia 52:19-20

Statenvertaling · Het lot van Jeruzalem

19En de overste der trawanten nam weg de schalen, en de wierookvaten, en de sprengbekkens, en de potten, en de kandelaars, en de rookschalen, en de kroezen; wat geheel goud, en wat geheel zilver was.

20De twee pilaren, de ene zee, en de twaalf koperen runderen, die in de plaats der stellingen waren, die de koning Salomo voor het huis des HEEREN gemaakt had; het koper daarvan, te weten van al deze vaten, was zonder gewicht.

Lees heel Jeremia 52 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Jeremia 52:19-20 in de interactieve Bijbel →