Jakobus 2:7-9

Statenvertaling · Geen aanzien des persoons

7Lasteren zij niet den goeden naam, die over u aangeroepen is?

8Indien gij dan de koninklijke wet volbrengt, naar de Schrift: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelven, zo doet gij wel;

9Maar indien gij den persoon aanneemt, zo doet gij zonde, en wordt van de wet bestraft als overtreders.

Lees heel Jakobus 2 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Jakobus 2:7-9 in de interactieve Bijbel →