Statenvertaling · Israëls verwerping en herstel
21En het zal te dien dage geschieden, dat Ik verhoren zal, spreekt de HEERE; Ik zal den hemel verhoren, en die zal de aarde verhoren.
22En de aarde zal het koren verhoren, mitsgaders den most en de olie; en die zullen Jizreel verhoren.