Handelingen 5:41-42

Statenvertaling · Ananias en Saffira

41Zij dan gingen heen van het aangezicht des raads, verblijd zijnde, dat zij waren waardig geacht geweest, om Zijns Naams wil smaadheid te lijden.

42En zij hielden niet op, allen dag, in den tempel en bij de huizen, te leren, en Jezus Christus te verkondigen.

Lees heel Handelingen 5 →

Bijbelse onderwerpen bij dit hoofdstuk

Lees Handelingen 5:41-42 in de interactieve Bijbel →