Handelingen 3:1-7

Statenvertaling · De genezing van een verlamde

1Petrus nu en Johannes gingen te zamen op naar den tempel, omtrent de ure des gebeds, zijnde de negende ure;

2En een zeker man, die kreupel was van zijner moeders lijf, werd gedragen, welken zij dagelijks zetten aan de deur des tempels, genaamd de Schone, om een aalmoes te begeren van degenen, die in den tempel gingen;

3Welke, Petrus en Johannes ziende, als zij in den tempel zouden ingaan, bad, dat hij een aalmoes mocht ontvangen.

4En Petrus, sterk op hem ziende, met Johannes, zeide: Zie op ons.

5En hij hield de ogen op hen, verwachtende, dat hij iets van hen zou ontvangen.

6En Petrus zeide: Zilver en goud heb ik niet, maar hetgeen ik heb, dat geve ik u; in den Naam van Jezus Christus, den Nazarener, sta op en wandel!

7En hem grijpende bij de rechterhand richtte hij hem op, en terstond werden zijn voeten en enkelen vast.

Lees heel Handelingen 3 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Handelingen 3:1-7 in de interactieve Bijbel →