Handelingen 27:34-36

Statenvertaling · Paulus naar Rome

34Daarom vermaan ik u spijze te nemen, want dat dient tot uw behouding; want niemand van u zal een haar van het hoofd vallen.

35En als hij dit gezegd had en brood genomen had, dankte hij God in aller tegenwoordigheid; en hetzelve gebroken hebbende, begon hij te eten.

36En zij allen, goedsmoeds geworden zijnde, namen ook zelven spijze.

Lees heel Handelingen 27 →

Bijbelse onderwerpen bij dit hoofdstuk

Lees Handelingen 27:34-36 in de interactieve Bijbel →