Handelingen 26:4-5

Statenvertaling · Paulus’ verantwoording voor Agrippa

4Mijn leven dan van der jonkheid aan, hetwelk van den beginne onder mijn volk te Jeruzalem geweest is, weten al de Joden;

5Als die van over lang mij te voren gekend hebben (indien zij het wilden getuigen), dat ik, naar de bescheidenste sekte van onzen godsdienst, als een Farizeer geleefd heb.

Lees heel Handelingen 26 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Handelingen 26:4-5 in de interactieve Bijbel →