Handelingen 26:31-32

Statenvertaling · Paulus’ verantwoording voor Agrippa

31En aan een zijde gegaan zijnde, spraken zij tot elkander, zeggende: Deze mens doet niets des doods of der banden waardig.

32En Agrippa zeide tot Festus: Deze mens kon losgelaten worden, indien hij zich op den keizer niet had beroepen.

Lees heel Handelingen 26 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Handelingen 26:31-32 in de interactieve Bijbel →