Handelingen 25:10-11

Statenvertaling · Paulus voor Festus

10En Paulus zeide: Ik sta voor den rechterstoel des keizers, waar ik geoordeeld moet worden; den Joden heb ik geen onrecht gedaan; gelijk gij ook zeer wel weet.

11Want indien ik onrecht doe, en iets des doods waardig gedaan heb, ik weiger niet te sterven; maar indien er niets is van hetgeen, waarvan dezen mij beschuldigen, zo kan niemand mij hun uit gunst overgeven. Ik beroep mij op den keizer.

Lees heel Handelingen 25 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Handelingen 25:10-11 in de interactieve Bijbel →