Genesis 32:14-16

Statenvertaling · Jakob vreest Esau te ontmoeten

14Tweehonderd geiten en twintig bokken, tweehonderd ooien en twintig rammen;

15Dertig zogende kemelinnen met haar veulens, veertig koeien en tien varren, twintig ezelinnen en tien jonge ezels.

16En hij gaf die in de hand zijner knechten, elke kudde bijzonder; en hij zeide tot zijn knechten: Gaat gijlieden door, voor mijn aangezicht, en stelt ruimte tussen kudde en tussen kudde.

Lees heel Genesis 32 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Genesis 32:14-16 in de interactieve Bijbel →