Genesis 31:43-48

Statenvertaling · Jakob vlucht van Laban weg

43Toen antwoordde Laban en zeide tot Jakob: Deze dochters zijn mijn dochters, en deze zonen zijn mijn zonen, en deze kudde is mijn kudde, ja, al wat gij ziet, dat is mijn; en wat zoude ik aan deze mijn dochteren heden doen? of aan haar zonen, die zij gebaard hebben?

44Nu dan, kom, laat ons een verbond maken, ik en gij, dat het tot een getuigenis zij tussen mij en tussen u!

45Toen nam Jakob een steen, en hij verhoogde die, tot een opgericht teken.

46En Jakob zeide tot zijn broederen: Vergadert stenen! En zij namen stenen, en maakten een hoop; en zij aten aldaar op dien hoop.

47En Laban noemde hem Jegar-Sahadutha; maar Jakob noemde denzelven Gilead.

48Toen zeide Laban: Deze hoop zij heden een getuige tussen mij en tussen u! Daarom noemde men zijn naam Gilead,

Lees heel Genesis 31 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Genesis 31:43-48 in de interactieve Bijbel →