Genesis 30:20-24

Statenvertaling · Jakob verwerft zijn kudde

20En Lea zeide: God heeft mij, mij heeft Hij begiftigd met een goede gift; ditmaal zal mijn man mij bijwonen; want ik heb hem zes zonen gebaard; en zij noemde zijn naam Zebulon.

21En zij baarde daarna een dochter; en zij noemde haar naam Dina.

22God dacht ook aan Rachel; en God verhoorde haar, en opende haar baarmoeder.

23En zij werd bevrucht, en baarde een zoon; en zij zeide: God heeft mijn smaadheid weggenomen!

24En zij noemde zijn naam Jozef, zeggende: De HEERE voege mij een anderen zoon daartoe.

Lees heel Genesis 30 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Genesis 30:20-24 in de interactieve Bijbel →