Statenvertaling · Abrahams dood
24Als nu haar dagen vervuld waren om te baren, ziet, zo waren tweelingen in haar buik.
25En de eerste kwam uit, ros; hij was geheel als een haren kleed; daarom noemden zij zijn naam Ezau.
26En daarna kwam zijn broeder uit, wiens hand Ezau's verzenen hield; daarom noemde men zijn naam Jakob. En Izak was zestig jaren oud, als hij hen gewon.