Genesis 22:9-12

Statenvertaling · Abrahams geloof op de proef gesteld

9En zij kwamen ter plaatse, die hem God gezegd had; en Abraham bouwde aldaar een altaar, en hij schikte het hout, en bond zijn zoon Izak, en legde hem op het altaar boven op het hout.

10En Abraham strekte zijn hand uit, en nam het mes om zijn zoon te slachten.

11Maar de Engel des HEEREN riep tot hem van den hemel en zeide: Abraham, Abraham! En hij zeide: Zie, hier ben ik!

12Toen zeide Hij: Strek uw hand niet uit aan den jongen, en doe hem niets! want nu weet Ik, dat gij God vrezende zijt, en uw zoon, uw enige, van Mij niet hebt onthouden.

Lees heel Genesis 22 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Genesis 22:9-12 in de interactieve Bijbel →