Ezechiël 44:28-29

Statenvertaling · De vorst en de priesters

28Dit nu zal hun tot een erfenis zijn: Ik ben hun Erfenis; daarom zult gij hunlieden geen bezitting geven in Israel; Ik ben hun Bezitting.

29Het spijsoffer, en het zondoffer, en het schuldoffer, die zullen zij eten; ook zal al het verbannene in Israel het hunne zijn.

Lees heel Ezechiël 44 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Ezechiël 44:28-29 in de interactieve Bijbel →