Exodus 38:9-16

Statenvertaling · Het maken van het brandofferaltaar

9Hij maakte ook den voorhof, aan den zuidhoek zuidwaarts; de behangselen tot den voorhof waren van fijn getweernd linnen, van honderd ellen.

10Hun twintig pilaren en derzelver twintig voeten, waren van koper; de haken dezer pilaren en hun banden waren van zilver.

11En aan den noorderhoek honderd ellen, hun twintig pilaren en derzelver twintig voeten waren van koper; de haken der pilaren en derzelver banden waren van zilver.

12En aan den westerhoek waren behangselen van vijftig ellen, hun pilaren tien en derzelver voeten tien; de haken der pilaren en hun banden waren van zilver.

13En aan den oosterhoek tegen den opgang waren vijftig ellen.

14De behangselen aan deze zijde waren vijftien ellen, derzelver pilaren drie en hun voeten drie.

15En aan de andere zijde van de deur des voorhofs, van hier en van daar, waren behangselen van vijftien ellen; hun pilaren drie en derzelver voeten drie.

16Al de behangselen des voorhofs waren rondom van fijn getweernd linnen.

Lees heel Exodus 38 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Exodus 38:9-16 in de interactieve Bijbel →