Exodus 30:26-33

Statenvertaling · Het reukofferaltaar

26En met dezelve zult gij zalven de tent der samenkomst, en de ark der getuigenis.

27En de tafel met al haar gereedschap, en de kandelaar met zijn gereedschap, en het reukaltaar;

28En het altaar des brandoffers, met al zijn gereedschap, en het wasvat met zijn voet.

29Gij zult ze alzo heiligen, dat zij heiligheid der heiligheden zijn; al wat ze aanroert, zal heilig zijn.

30Gij zult ook Aaron en zijn zonen zalven, en gij zult hen heiligen, om Mij het priesterambt te bedienen.

31En gij zult tot de kinderen Israels spreken, zeggende: Dit zal Mij een olie der heilige zalving zijn bij uw geslachten.

32Op geens mensen vlees zal men ze gieten; gij zult ook naar haar maaksel geen dergelijke maken; het is heiligheid, zij zal ulieden heiligheid zijn.

33De man, die zulk een zalf maken zal als deze, of die daarvan op wat vreemds doet, die zal uitgeroeid worden uit zijn volken.

Lees heel Exodus 30 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Exodus 30:26-33 in de interactieve Bijbel →