Deuteronomium 6:21-23

Statenvertaling · De liefde tot God het grote gebod

21Zo zult gij tot uw zoon zeggen: Wij waren dienstknechten van Farao in Egypte; maar de HEERE heeft ons door een sterke hand uit Egypte uitgevoerd.

22En de HEERE gaf tekenen, en grote en kwade wonderen, in Egypte, aan Farao en aan zijn ganse huis, voor onze ogen;

23En hij voerde ons van daar uit, opdat Hij ons inbracht, om ons het land te geven, dat Hij onzen vaderen gezworen had.

Lees heel Deuteronomium 6 →

Bijbelse onderwerpen bij dit hoofdstuk

Lees Deuteronomium 6:21-23 in de interactieve Bijbel →