Deuteronomium 31:7-8

Statenvertaling · Jozua, Mozes’ opvolger

7En Mozes riep Jozua, en zeide tot hem voor de ogen van gans Israel: Wees sterk en heb goeden moed, want gij zult met dit volk ingaan in het land dat de HEERE hun vaderen gezworen heeft, hun te zullen geven; en gij zult het hun doen erven.

8De HEERE nu is Degene, Die voor uw aangezicht gaat; Die zal met u zijn; Hij zal u niet begeven, noch u verlaten; vrees niet, en ontzet u niet.

Lees heel Deuteronomium 31 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Deuteronomium 31:7-8 in de interactieve Bijbel →