Daniël 8:1-2

Statenvertaling · Het gezicht van de ram en de bok

1In het derde jaar des koninkrijks van den koning Belsazar, verscheen mij een gezicht, mij Daniel, na hetgeen mij in het eerste verschenen was.

2En ik zag een gezicht, (het geschiedde nu, toen ik het zag, dat ik in den burg Susan was, welke in het landschap Elam is) ik zag dan in een gezicht, dat ik aan den vloed Ulai was.

Lees heel Daniël 8 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Daniël 8:1-2 in de interactieve Bijbel →