Daniël 11:36-37

Statenvertaling · De koningen van het Noorden en het Zuiden

36En die koning zal doen naar zijn welgevallen, en hij zal zichzelven verheffen, en groot maken boven allen God, en hij zal tegen den God der goden wonderlijke dingen spreken; en hij zal voorspoedig zijn, totdat de gramschap voleind zij, want het is vastelijk besloten, het zal geschieden.

37En op de goden zijner vaderen zal hij geen acht geven, noch op de begeerte der vrouwen; hij zal ook op geen God acht geven, maar hij zal zich boven alles groot maken.

Lees heel Daniël 11 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Daniël 11:36-37 in de interactieve Bijbel →