2 Samuel 24:3-4

Statenvertaling · Volkstelling en straf

3Toen zeide Joab tot den koning: Nu doe de HEERE, uw God, tot dit volk, zoals deze en die nu zijn, honderdmaal meer, dat de ogen van mijn heer den koning het aanzien; maar waarom heeft mijn heer de koning lust tot deze zaak?

4Doch des konings woord nam de overhand tegen Joab, en tegen de oversten des heirs. Alzo toog Joab uit, met de oversten des heirs, van des konings aangezicht, om het volk Israel te tellen.

Lees heel 2 Samuel 24 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 2 Samuel 24:3-4 in de interactieve Bijbel →