2 Samuel 24:17-19

Statenvertaling · Volkstelling en straf

17En David, als hij den engel zag, die het volk sloeg, sprak tot den HEERE, en zeide: Zie ik, ik heb gezondigd, en ik, ik heb onrecht gehandeld, maar wat hebben deze schapen gedaan? Uw hand zij toch tegen mij en tegen mijns vaders huis.

18En Gad kwam tot David op dienzelfden dag, en zeide tot hem: Ga op, richt den HEERE een altaar op, op den dorsvloer van Arauna, den Jebusiet.

19Alzo ging David op naar het woord van Gad, gelijk als de HEERE geboden had.

Lees heel 2 Samuel 24 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 2 Samuel 24:17-19 in de interactieve Bijbel →