Statenvertaling · Samenzwering van Absalom
32En het geschiedde, als David tot op de hoogte kwam, dat hij aldaar God aanbad; ziet, toen ontmoette hem Husai, de Archiet, hebbende zijn rok gescheurd, en aarde op zijn hoofd.
33En David zeide tot hem: Zo gij met mij voortgaat, zo zult gij mij tot een last zijn;