2 Kronieken 33:12-13

Statenvertaling · De regering van Manasse

12En als hij hem benauwde, bad hij het aangezicht des HEEREN, zijns Gods, ernstelijk aan, en vernederde zich zeer voor het aangezicht van den God zijner vaderen,

13En bad Hem; en Hij liet Zich van hem verbidden, en hoorde zijn smeking, en Hij bracht hem weder te Jeruzalem, in zijn koninkrijk. Toen erkende Manasse, dat de HEERE God is.

Lees heel 2 Kronieken 33 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 2 Kronieken 33:12-13 in de interactieve Bijbel →