2 Korintiërs 4:1-2

Statenvertaling · De schat in aarden vaten

1Daarom dewijl wij deze bediening hebben, naar de barmhartigheid, die ons geschied is, zo vertragen wij niet;

2Maar wij hebben verworpen de bedekselen der schande, niet wandelende in arglistigheid, noch het Woord Gods vervalsende, maar door openbaring der waarheid onszelven aangenaam makende bij alle gewetens der mensen, in de tegenwoordigheid Gods.

Lees heel 2 Korintiërs 4 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 2 Korintiërs 4:1-2 in de interactieve Bijbel →