2 Koningen 5:26-27

Statenvertaling · De genezing van Naäman

26Maar hij zeide tot hem: Ging niet mijn hart mede, als die man zich omkeerde van op zijn wagen u tegemoet? Was het tijd, om dat zilver te nemen, en om klederen te nemen, en olijfbomen, en wijngaarden, en schapen, en runderen, en knechten, en dienstmaagden?

27Daarom zal u de melaatsheid van Naaman aankleven, en uw zaad in eeuwigheid! Toen ging hij uit van voor zijn aangezicht, melaats, wit als de sneeuw.

Lees heel 2 Koningen 5 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 2 Koningen 5:26-27 in de interactieve Bijbel →