2 Koningen 19:11-13

Statenvertaling · Jeruzalem verlost van Sanherib

11Zie, gij hebt gehoord, wat de koningen van Assyrie aan alle landen gedaan hebben, die verbannende; en zoudt gij gered worden?

12Hebben de goden der volken, die mijn vaders verdorven hebben, dezelve gered, als Gozan, en Haran, en Rezef, en de kinderen van Eden, die in Telasser waren?

13Waar is de koning van Hamath, en de koning van Arpad, en de koning der stad Sefarvaim, Hena en Ivva?

Lees heel 2 Koningen 19 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 2 Koningen 19:11-13 in de interactieve Bijbel →