1 Samuel 17:32-33

Statenvertaling · David en Goliat

32En David zeide tot Saul: Aan geen mens ontvalle het hart, om zijnentwil. Uw knecht zal heengaan en hij zal met dezen Filistijn strijden.

33Maar Saul zeide tot David: Gij zult niet kunnen heengaan tot dezen Filistijn, om met hem te strijden; want gij zijt een jongeling, en hij is een krijgsman van zijn jeugd af.

Lees heel 1 Samuel 17 →

Bijbelse onderwerpen bij dit hoofdstuk

Lees 1 Samuel 17:32-33 in de interactieve Bijbel →