1 Kronieken 29:17-18

Statenvertaling · De bijdrage voor de tempelbouw

17En ik weet, mijn God, dat Gij het hart proeft, en dat Gij een welgevallen hebt aan oprechtigheden. Ik heb in oprechtigheid mijns harten al deze dingen vrijwillig gegeven, en ik heb nu met vreugde Uw volk, dat hier bevonden wordt, gezien, dat het zich jegens U vrijwillig gedragen heeft.

18O HEERE, Gij, God onzer vaderen, Abraham, Izak en Israel, bewaar dit in der eeuwigheid in den zin der gedachten van het hart Uws volks, en richt hun hart tot U.

Lees heel 1 Kronieken 29 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 1 Kronieken 29:17-18 in de interactieve Bijbel →