Statenvertaling · Salomo’s vorsten en landvoogden
21En Salomo was heersende over al de koninkrijken, van de rivier tot het land der Filistijnen, en tot aan de landpale van Egypte; die brachten geschenken, en dienden Salomo al de dagen zijns levens.
22De spijze nu van Salomo was voor een dag, dertig kor meelbloem, en zestig kor meel;