1 Koningen 20:8-10

Statenvertaling · Samaria belegerd en ontzet

8Doch al de oudsten, en het ganse volk, zeiden tot hem: Hoor niet, en bewillig niet.

9Daarom zeide hij tot de boden van Benhadad: Zegt mijn heer den koning: Alles, waarom gij in het eerst tot uw knecht gezonden hebt, zal ik doen; maar deze zaak kan ik niet doen. Zo gingen de boden heen en brachten hem bescheid weder.

10En Benhadad zond tot hem en zeide: De goden doen mij zo, en doen zo daartoe, indien het stof van Samaria genoeg zal zijn tot handvollen voor al het volk, dat mijn voetstappen volgt!

Lees heel 1 Koningen 20 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 1 Koningen 20:8-10 in de interactieve Bijbel →