1 Koningen 2:22-23

Statenvertaling · Salomo’s eerste regeringsdaden

22Toen antwoordde de koning Salomo, en zeide tot zijn moeder: En waarom begeert gij Abisag, de Sunamietische, voor Adonia? Begeer ook voor hem het koninkrijk (want hij is mijn broeder, die ouder is dan ik ben), ja, voor hem, en voor Abjathar, den priester, en voor Joab, den zoon van Zeruja.

23En de koning Salomo zwoer bij den HEERE, zeggende: Zo doe mij God, en zo doe Hij daartoe, voorzeker Adonia zal dat woord tegen zijn leven gesproken hebben!

Lees heel 1 Koningen 2 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees 1 Koningen 2:22-23 in de interactieve Bijbel →