1 Koningen 1:49-51

Statenvertaling · Salomo’s troonsbestijging

49Toen verschrikten en stonden op al de genoden, die bij Adonia waren, en gingen een iegelijk zijns weegs.

50Doch Adonia vreesde voor Salomo, en hij stond op, en ging heen, en vatte de hoornen des altaars.

51En men maakte Salomo bekend, zeggende: Zie, Adonia vreest den koning Salomo, want zie, hij heeft de hoornen des altaars gevat, zeggende: Dat de koning Salomo mij als heden zwere, dat hij zijn knecht met het zwaard niet doden zal!

Lees heel 1 Koningen 1 →

Bijbelse onderwerpen bij dit hoofdstuk

Lees 1 Koningen 1:49-51 in de interactieve Bijbel →