Bijbels onderwerp · 10 Bijbelteksten · Statenvertaling
Exodus 16:20 20Doch zij hoorden niet naar Mozes, maar sommige mannen lieten daarvan over tot den morgen. Toen wiesen er wormen in, en het werd stinkende; dies werd Mozes zeer toornig op hen.
Exodus 16:24 24En zij legden het op tot den morgen, gelijk als Mozes geboden had; en het stonk niet, en er was geen worm in.
Job 25:6 6Hoeveel te min de mens, die een made is, en des mensen kind, die een worm is!
Jesaja 41:14 14Vrees niet, gij wormpje Jakobs, gij volkje Israels! Ik help u, spreekt de HEERE, en uw Verlosser is de Heilige Israels!
Jesaja 66:24 24En zij zullen henen uitgaan, en zij zullen de dode lichamen der lieden zien, die tegen Mij overtreden hebben; want hun worm zal niet sterven, en hun vuur zal niet uitgeblust worden, en zij zullen allen vlees een afgrijzing wezen.
Jona 4:7 7Maar God beschikte een worm des anderen daags in het opgaan van den dageraad; die stak den wonderboom, dat hij verdorde.
Marcus 9:44 44Waar hun worm niet sterft, en het vuur niet uitgeblust wordt.
Marcus 9:46 46Waar hun worm niet sterft, en het vuur niet uitgeblust wordt.
Marcus 9:48 48Waar hun worm niet sterft, en het vuur niet uitgeblust wordt.
Handelingen 12:23 23En van stonde aan sloeg hem een engel des Heeren, daarom dat hij Gode de eer niet gaf; en hij werd van de wormen gegeten, en gaf den geest.