Bijbels onderwerp · 4 Bijbelteksten · Statenvertaling
Lucas 24:42 42En zij gaven Hem een stuk van een gebraden vis, en van honigraten.
Johannes 21:9-11 9Als zij dan aan het land gegaan waren, zagen zij een kolenvuur liggen, en vis daarop liggen, en brood. 10Jezus zeide tot hen: Brengt van den vissen, die gij nu gevangen hebt. 11Simon Petrus ging op, en trok het net op het land, vol grote vissen, tot honderd drie en vijftig; en hoewel er zovele waren, zo scheurde het net niet.
Johannes 21:13 13Jezus dan kwam, en nam het brood, en gaf het hun, en den vis desgelijks.
Johannes 21:12 12Jezus zeide tot hen: Komt herwaarts, houdt het middagmaal. En niemand van de discipelen durfde Hem vragen: Wie zijt Gij? wetende, dat het de Heere was.