Verwaandheid

Bijbels onderwerp · 16 Bijbelteksten · Statenvertaling

Spreuken 3:5 5Vertrouw op den HEERE met uw ganse hart, en steun op uw verstand niet.

Spreuken 3:7 7Zijt niet wijs in uw ogen; vrees den HEERE, en wijk van het kwade.

Spreuken 12:15 15De weg des dwazen is recht in zijn ogen; maar die naar raad hoort, is wijs.

Spreuken 18:11 11Des rijken goed is de stad zijner sterkte, en als een verheven muur in zijn inbeelding.

Spreuken 23:4 4Vermoei u niet om rijk te worden; sta af van uw vernuft.

Spreuken 26:5 5Antwoord den zot naar zijn dwaasheid, opdat hij in zijn ogen niet wijs zij.

Spreuken 26:12 12Hebt gij een man gezien, die wijs in zijn ogen is! Van een zot is meer verwachting dan van hem.

Spreuken 26:16 16De luiaard is wijzer in zijn ogen, dan zeven, die met rede antwoorden.

Spreuken 28:11 11Een rijk man is wijs in zijn ogen; maar de arme, die verstandig is, doorzoekt hem.

Spreuken 28:26 26Die op zijn hart vertrouwt, die is een zot; maar die in wijsheid wandelt, die zal ontkomen.

Jesaja 5:21 21Wee dengenen, die in hun ogen wijs, en bij zichzelven verstandig zijn!

Jeremia 9:23 23Zo zegt de HEERE: Een wijze beroeme zich niet in zijn wijsheid, en de sterke beroeme zich niet in zijn sterkheid; een rijke beroeme zich niet in zijn rijkdom;

Lucas 18:11-12 11De Farizeer, staande, bad dit bij zichzelven: O God! ik dank U, dat ik niet ben gelijk de anderen mensen, rovers, onrechtvaardigen, overspelers; of ook gelijk deze tollenaar. 12Ik vast tweemaal per week; ik geef tienden van alles, wat ik bezit.

Romeinen 1:22 22Zich uitgevende voor wijzen, zijn zij dwaas geworden;

Romeinen 11:25 25Want ik wil niet, broeders, dat u deze verborgenheid onbekend zij (opdat gij niet wijs zijt, bij uzelven), dat de verharding voor een deel over Israel gekomen is, totdat de volheid der heidenen zal ingegaan zijn.

Romeinen 12:16 16Weest eensgezind onder elkander. Tracht niet naar de hoge dingen, maar voegt u tot de nederige. Zijt niet wijs bij uzelven.

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →