Tola

Bijbels onderwerp · 4 Bijbelteksten · Statenvertaling

Genesis 46:13 13En de zonen van Issaschar: Tola, en Puwa, en Job, en Simron.

Numeri 26:23 23De zonen van Issaschar, naar hun geslachten, waren: van Tola het geslacht der Tolaieten; van Puva het geslacht der Punieten;

Rechters 10:1 1Na Abimelech nu stond op, om Israel te behouden, Thola, een zoon van Pua, zoon van Dodo, een man van Issaschar; en hij woonde te Samir, op het gebergte van Efraim.

1 Kronieken 7:1-2 1De kinderen van Issaschar waren Thola en Pua, Jasib en Simron; vier. 2De kinderen van Thola nu waren Uzzi, en Refaja, en Jeriel, en Jachmai, en Jibsam, en Samuel; hoofden van de huizen hunner vaderen, van Thola, kloeke helden in hun geslachten; hun getal was in de dagen van David twee en twintig duizend en zeshonderd.

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →