Semaja: 26. Vader van Delaja

Bijbels onderwerp · 1 Bijbeltekst · Statenvertaling

Jeremia 36:12 12Zo ging hij af ten huize des konings in de kamer des schrijvers; en ziet, aldaar zaten al de vorsten: Elisama, de schrijver, en Delaja, de zoon van Semaja, en Elnathan, de zoon van Achbor, en Gemarja, de zoon van Safan, en Zedekia, de zoon van Hananja, en al de vorsten.

Verwante onderwerpen

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →