Bijbels onderwerp · 28 Bijbelteksten · Statenvertaling
Jeremia 7:1 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is, van den HEERE, zeggende:
Jeremia 11:1 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is, van den HEERE, zeggende:
Jeremia 18:1 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is van den HEERE, zeggende:
Jeremia 25:1-2 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is over het ganse volk van Juda, in het vierde jaar van Jojakim, zoon van Josia, koning van Juda (dit was het eerste jaar van Nebukadrezar, koning van Babel); 2Hetwelk de profeet Jeremia gesproken heeft tot het ganse volk van Juda, en tot al de inwoners van Jeruzalem, zeggende:
Jeremia 27:1 1In het begin des koninkrijks van Jojakim, zoon van Josia, koning van Juda, geschiedde dit woord tot Jeremia, van den HEERE, zeggende:
Jeremia 29:30 30Daarom geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia, zeggende:
Jeremia 30:1 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is van den HEERE, zeggende:
Jeremia 32:1 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is van den HEERE, in het tiende jaar van Zedekia, koning van Juda; dit jaar was het achttiende jaar van Nebukadrezar.
Jeremia 32:6 6Jeremia dan zeide: Des HEEREN woord is tot mij geschied, zeggende:
Jeremia 32:26 26Toen geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia, zeggende:
Jeremia 33:1 1Voorts geschiedde des HEEREN woord ten tweeden male tot Jeremia, als hij nog in het voorhof der bewaring was opgesloten, zeggende:
Jeremia 33:19 19En des HEEREN woord geschiedde tot Jeremia, zeggende:
Jeremia 33:23 23Voorts geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia, zeggende:
Jeremia 34:12 12Daarom geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia, van den HEERE, zeggende:
Jeremia 35:12 12Toen geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia, zeggende:
Jeremia 36:1 1Het gebeurde ook in het vierde jaar van Jojakim, den zoon van Josia, den koning van Juda, dat dit woord tot Jeremia geschiedde van den HEERE, zeggende:
Jeremia 37:6 6Toen geschiedde des HEEREN woord tot den profeet Jeremia, zeggende:
Jeremia 40:1 1Het woord, dat van den HEERE geschied is tot Jeremia, nadat Nebuzaradan, de overste der trawanten, hem had laten gaan van Rama; als hij hem had laten halen, daar hij met ketenen gebonden was in het midden aller gevangenen van Jeruzalem en Juda, die naar Babel gevankelijk werden weggevoerd.
Jeremia 43:8 8Toen geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia te Tachpanhes, zeggende:
Jeremia 44:1 1Het woord, dat tot Jeremia geschiedde aan al de Joden, die in Egypteland woonden, die te Migdol woonden, en te Tachpanhes, en te Nof, en in het land Pathros, zeggende:
Jeremia 46:1 1Het woord des HEEREN, dat tot den profeet Jeremia geschied is tegen de heidenen.
Jeremia 49:34 34Het woord des HEEREN, dat tot den profeet Jeremia geschied is tegen Elam, in het begin des koninkrijks van Zedekia, den koning van Juda, zeggende:
Jeremia 50:1 1Het woord, dat de HEERE gesproken heeft tegen Babel, tegen het land der Chaldeen, door den dienst van den profeet Jeremia.
Jeremia 1:4 4Het woord des HEEREN dan geschiedde tot mij, zeggende:
Jeremia 13:8 8Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:
Jeremia 16:1 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:
Jeremia 26:1 1In het begin des koninkrijks van Jojakim, den zoon van Josia, koning van Juda, geschiedde dit woord van den HEERE, zeggende:
Jeremia 30:4 4En dit zijn de woorden, die de HEERE gesproken heeft van Israel en van Juda.