Bijbels onderwerp · 1 Bijbeltekst · Statenvertaling
Handelingen 21:1-3 1En als het geschiedde, dat wij van hen gescheiden en afgevaren waren, zo liepen wij rechtuit en kwamen te Kos, en den dag daaraan te Rhodus, en van daar te Patara. 2En een schip gevonden hebbende, dat naar Fenicie overvoer, gingen wij er in en voeren af. 3En als wij Cyprus in het gezicht gekregen, en dat aan de linker hand gelaten hadden, voeren wij naar Syrie, en kwamen aan te Tyrus; want het schip zoude aldaar den last ontladen.