Bijbels onderwerp · 12 Bijbelteksten · Statenvertaling
Psalmen 140:2 2Red mij, HEERE! van den kwaden mens; behoed mij voor den man alles gewelds;
Spreuken 5:6 6Opdat gij het pad des levens niet zoudt wegen, zijn haar gangen ongestadig, dat gij het niet merkt.
Spreuken 6:32 32Maar die met een vrouw overspel doet, is verstandeloos; hij verderft zijn ziel, die dat doet;
Spreuken 11:22 22Een schone vrouw, die van rede afwijkt, is een gouden bagge in een varkenssnuit.
Spreuken 21:19 19Het is beter te wonen in een woest land, dan bij een zeer kijfachtige en toornige huisvrouw.
Spreuken 27:15 15Een gedurige druiping ten dage des slagregens en een kijfachtige huisvrouw zijn even gelijk.
Spreuken 30:20 20Alzo is de weg ener overspelige vrouw; zij eet en wist haar mond, en zegt: Ik heb geen ongerechtigheid gewrocht!
Marcus 10:12 12En indien een vrouw haar man zal verlaten, en met een anderen trouwen, die doet overspel.
Romeinen 7:3 3Daarom dan, indien zij eens anderen mans wordt, terwijl de man leeft, zo zal zij een overspeelster genaamd worden; maar indien de man gestorven is, zo is zij vrij van de wet, alzo dat zij geen overspeelster is, als zij eens anderen mans wordt.
Romeinen 7:15 15Want hetgeen ik doe, dat ken ik niet; want hetgeen ik wil, dat doe ik niet, maar hetgeen ik haat, dat doe ik.
1 Timotheüs 2:12 12Doch ik laat de vrouw niet toe, dat zij lere, noch over den man heerse, maar wil, dat zij in stilheid zij.
1 Johannes 3:8 8Die de zonde doet, is uit den duivel; want de duivel zondigt van den beginne. Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, opdat Hij de werken des duivels verbreken zou.
Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →