Bijbels onderwerp · 11 Bijbelteksten · Statenvertaling
Genesis 36:11 11En de zonen van Elifaz waren: Teman, Omar, Zefo, en Gaetam, en Kenaz.
Genesis 36:15 15Dit zijn de vorsten der zonen van Ezau: de zonen van Elifaz, den eerstgeborene van Ezau, waren: de vorst Teman, de vorst Omar, de vorst Zefo, de vorst Kenaz.
Genesis 36:42 42De vorst Kenaz, de vorst Teman, de vorst Mibzar,
Jozua 15:17 17Othniel nu, de zoon van Kenaz, den broeder van Kaleb, nam haar in; en hij gaf hem Achsa, zijn dochter, tot een vrouw.
Rechters 1:13 13Toen nam Othniel haar in, de zoon van Kenaz, broeder van Kaleb, die jonger was dan hij; en Kaleb gaf hem Achsa, zijn dochter, tot een vrouw.
Rechters 3:9 9Zo riepen de kinderen Israels tot den HEERE; en de HEERE verwekte de kinderen Israels een verlosser, die hen verloste, Othniel, zoon van Kenaz, broeder van Kaleb, die jonger was dan hij.
Rechters 3:11 11Toen was het land veertig jaren stil, en Othniel, de zoon van Kenaz, stierf.
1 Kronieken 1:36 36De kinderen van Elifaz waren Theman, en Omar, Zefi, en Gaetham, Kenaz, en Timna, en Amalek.
1 Kronieken 1:53 53De vorst Kenaz, de vorst Theman, de vorst Mibzar,
1 Kronieken 4:13 13En de kinderen van Kenaz waren Othniel en Seraja; en de kinderen van Othniel, Hathath.
1 Kronieken 4:15 15De kinderen van Kaleb nu, den zoon van Jefunne, waren Iru, Ela en Naam; en de kinderen van Ela, te weten Kenaz.
Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →