Bijbels onderwerp · 6 Bijbelteksten · Statenvertaling
Genesis 10:15 15En Kanaan gewon Sidon, zijn eerstgeborene, en Heth,
Genesis 10:18-19 18En de Arvadiet, en de Tsemariet, en de Hamathiet; en daarna zijn de huisgezinnen der Kanaanieten verspreid. 19En de landpale der Kanaanieten was van Sidon, daar gij gaat naar Gerar tot Gaza toe; daar gij gaat naar Sodom en Gomorra, en Adama, en Zoboim, tot Lasa toe.
Deuteronomium 7:1 1Wanneer u de HEERE, uw God, zal gebracht hebben in het land, waar gij naar toe gaat, om dat te erven; en Hij vele volken voor uw aangezicht zal hebben uitgeworpen, de Hethieten, en de Girgasieten, en de Amorieten, en de Kanaanieten, en de Ferezieten, en de Hevieten, en de Jebusieten, zeven volken, die meerder en machtiger zijn dan gij;
1 Kronieken 1:13 13Kanaan nu gewon Sidon, zijn eerstgeborene, en Heth,
Genesis 10:16-17 16En de Jesubiet, en de Amoriet, en de Girgasiet, 17En de Hivviet, en de Arkiet, en de Siniet,
1 Kronieken 1:14-16 14En den Jebusiet, en den Amoriet, en den Girgasiet, 15En den Heviet, en den Arkiet, en den Siniet, 16En den Arvadiet, en den Zemariet, en den Hamathiet.