Bijbels onderwerp · 6 Bijbelteksten · Statenvertaling
Deuteronomium 19:14 14Gij zult uws naasten landpale, die de voorvaderen gepaald hebben, niet verrukken in uw erfdeel, dat gij erven zult, in het land, hetwelk u de HEERE, uw God, geeft, om dat erfelijk te bezitten.
Deuteronomium 27:17 17Vervloekt zij, die zijns naasten landpale verrukt! En al het volk zal zeggen: Amen.
Spreuken 22:28 28Zet de oude palen niet terug, die uw vaderen gemaakt hebben.
Spreuken 23:10 10Zet de oude palen niet terug; en kom op de akkers der wezen niet;
Hosea 5:10 10De vorsten van Juda zijn geworden, gelijk die de landpalen verrukken; Ik zal Mijn verbolgenheid, als water, over hen uitgieten.
Job 24:9 9Zij rukken het weesje van de borst, en dat over den arme is, nemen zij te pand.