Bijbels onderwerp · 18 Bijbelteksten · Statenvertaling
Spreuken 16:24 24Liefelijke redenen zijn een honigraat, zoet voor de ziel, en medicijn voor het gebeente.
3 Johannes 1:2 2Geliefde, voor alle dingen wens ik, dat gij welvaart en gezond zijt, gelijk uw ziel welvaart.
Genesis 1:29 29En God zeide: Ziet, Ik heb ulieden al het zaadzaaiende kruid gegeven, dat op de ganse aarde is, en alle geboomte, in hetwelk zaadzaaiende boomvrucht is; het zij u tot spijze!
Exodus 15:26 26En zeide: Is het, dat gij met ernst naar de stem des HEEREN uws Gods horen zult, en doen, wat recht is in Zijn ogen, en uw oren neigt tot Zijn geboden, en houdt al Zijn inzettingen; zo zal Ik geen van de krankheden op u leggen, die Ik op Egypteland gelegd heb; want Ik ben de HEERE, uw Heelmeester!
Psalmen 139:14 14Ik loof U, omdat ik op een heel vreselijke wijze wonderbaarlijk gemaakt ben; wonderlijk zijn Uw werken! ook weet het mijn ziel zeer wel.
Spreuken 3:7 7Zijt niet wijs in uw ogen; vrees den HEERE, en wijk van het kwade.
Spreuken 14:30 30Een gezond hart is het leven des vleses; maar nijd is verrotting der beenderen.
Spreuken 17:22 22Een blij hart zal een medicijn goed maken; maar een verslagen geest zal het gebeente verdrogen.
Spreuken 31:17 17Cheth. Zij gordt haar lenden met kracht, en zij versterkt haar armen.
Jesaja 40:29 29Hij geeft den moeden kracht, en Hij vermenigvuldigt de sterkte dien, die geen krachten heeft.
Daniël 1:8 8Daniel nu nam voor in zijn hart, dat hij zich niet zou ontreinigen met de stukken van de spijs des konings, noch met den wijn zijns dranks; daarom verzocht hij van den overste der kamerlingen, dat hij zich niet mocht ontreinigen.
Romeinen 12:1 1Ik bid u dan, broeders, door de ontfermingen Gods, dat gij uw lichamen stelt tot een levende, heilige en Gode welbehagelijke offerande, welke is uw redelijke godsdienst.
1 Korintiërs 3:17 17Zo iemand den tempel Gods schendt, dien zal God schenden; want de tempel Gods is heilig, welke gij zijt.
1 Korintiërs 6:19-20 19Of weet gij niet, dat ulieder lichaam een tempel is van den Heiligen Geest, Die in u is, Dien gij van God hebt, en dat gij uws zelfs niet zijt? 20Want gij zijt duur gekocht: zo verheerlijkt dan God in uw lichaam en in uw geest, welke Godes zijn.
1 Korintiërs 9:27 27Maar ik bedwing mijn lichaam, en breng het tot dienstbaarheid, opdat ik niet enigszins, daar ik anderen gepredikt heb, zelf verwerpelijk worde.
1 Korintiërs 10:31 31Hetzij dan dat gijlieden eet, hetzij dat gij drinkt, hetzij dat gij iets anders doet, doet het al ter ere Gods.
Filippenzen 4:13 13Ik vermag alle dingen door Christus, Die mij kracht geeft.
1 Timotheüs 4:8 8Want de lichamelijke oefening is tot weinig nut; maar de godzaligheid is tot alle dingen nut, hebbende de belofte des tegenwoordigen en des toekomenden levens.
Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →