Handelingen 1:2626En zij wierpen hun loten; en het lot viel op Matthias, en hij werd met gemene toestemming tot de elf apostelen gekozen.
Handelingen 6:5-65En dit woord behaagde aan al de menigte; en zij verkoren Stefanus, een man vol des geloofs en des Heiligen Geestes, en Filippus, en Prochorus, en Nicanor, en Timon, en Parmenas, en Nicolaus, een Jodengenoot van Antiochie; 6Welken zij voor de apostelen stelden; en dezen, als zij gebeden hadden, legden hun de handen op.
Handelingen 13:33Toen vastten en baden zij, en hun de handen opgelegd hebbende, lieten zij hen gaan.
1 Timotheüs 4:1414Verzuim de gave niet, die in u is, die u gegeven is door de profetie, met oplegging der handen des ouderlingschaps.