De wil van God volgen

Bijbels onderwerp · 20 Bijbelteksten · Statenvertaling

Mattheüs 7:21 21Niet een iegelijk, die tot Mij zegt: Heere, Heere! zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen, maar die daar doet den wil Mijns Vaders, Die in de hemelen is.

Mattheüs 9:8 8De scharen nu dat ziende, hebben zich verwonderd, en God verheerlijkt, die zodanige macht den mensen gegeven had.

Romeinen 2:6 6Welke een iegelijk vergelden zal naar zijn werken;

Romeinen 15:32 32Opdat ik met blijdschap, door den wil van God, tot u mag komen, en met u verkwikt worden.

Jakobus 4:15 15In plaats dat gij zoudt zeggen: Indien de Heere wil, en wij leven zullen, zo zullen wij dit of dat doen.

1 Petrus 3:18 18Want Christus heeft ook eens voor de zonden geleden, Hij rechtvaardig voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen; Die wel is gedood in het vlees, maar levend gemaakt door den Geest;

1 Johannes 2:17 17En de wereld gaat voorbij, en haar begeerlijkheid; maar die den wil van God doet, blijft in der eeuwigheid.

1 Johannes 5:3 3Want dit is de liefde Gods, dat wij Zijn geboden bewaren; en Zijn geboden zijn niet zwaar.

Mattheüs 6:9 9Gij dan bidt aldus: Onze Vader, Die in de hemelen zijt! Uw Naam worde geheiligd.

Mattheüs 9:6-7 6Doch opdat gij moogt weten, dat de Zoon des mensen macht heeft op de aarde, de zonden te vergeven (toen zeide Hij tot den geraakte): Sta op, neem uw bed op, en ga heen naar uw huis. 7En hij opgestaan zijnde, ging heen naar zijn huis.

Mattheüs 16:15 15Hij zeide tot hen: Maar gij, wie zegt gij, dat Ik ben?

Johannes 6:50 50Dit is het Brood, dat uit den hemel nederdaalt, opdat de mens daarvan ete, en niet sterve.

Johannes 20:19 19Als het dan avond was, op denzelven eersten dag der week, en als de deuren gesloten waren, waar de discipelen vergaderd waren om de vreze der Joden, kwam Jezus en stond in het midden, en zeide tot hen: Vrede zij ulieden!

Romeinen 2:7-8 7Dengenen wel, die met volharding in goeddoen, heerlijkheid, en eer, en onverderfelijkheid zoeken, het eeuwige leven; 8Maar dengenen, die twistgierig zijn, en die der waarheid ongehoorzaam, doch der ongerechtigheid gehoorzaam zijn, zal verbolgenheid en toorn vergolden worden;

Romeinen 11:19 19Gij zult dan zeggen: De takken zijn afgebroken, opdat ik zou ingeent worden.

Efeziërs 6:12 12Want wij hebben den strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de geweldhebbers der wereld, der duisternis dezer eeuw, tegen de geestelijke boosheden in de lucht.

Hebreeën 10:24 24En laat ons op elkander acht nemen, tot opscherping der liefde en der goede werken;

Jakobus 1:12 12Zalig is de man, die verzoeking verdraagt; want als hij beproefd zal geweest zijn, zal hij de kroon des levens ontvangen, welke de Heere beloofd heeft dengenen, die Hem liefhebben.

Jakobus 2:20 20Maar wilt gij weten, o ijdel mens, dat het geloof zonder de werken dood is?

1 Johannes 2:3-4 3En hieraan kennen wij, dat wij Hem gekend hebben, zo wij Zijn geboden bewaren. 4Die daar zegt: Ik ken Hem, en Zijn geboden niet bewaart, die is een leugenaar, en in dien is de waarheid niet;

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →